Vijf jaar na Fukushima

Naar aanleiding van de vijfde verjaardag van de kernramp in Fukushima brengt de Hoge Gezondheidsraad (HGR) een vernieuwd advies uit over de manier waarop in België met een mogelijke kernramp moet omgesprongen worden.

Morgen (11 maart) is het exact vijf jaar geleden dat in de nasleep van een tsunami de kerncentrale van Japanse Fukushima ernstig beschadigd werd, met een kernramp als gevolg. Bijna 200.000 mensen moesten ijlings geëvacueerd worden omdat grote hoeveelheden radioactieve stof vrijkwamen.

kerncentrale grNaar aanleiding van deze ramp voerde de Hoge Gezondheidsraad (HGR) een kritisch onderzoek uit van het Belgische noodplan. Dat resulteerde in een eerste advies in maart van vorig jaar. Daarin werd vooral gepleit voor de inname van jodiumtabletten ter bescherming van de schildklier bij een nucleair ongeval. In een tweede advies, dat nu gepubliceerd wordt, gaat de HGR verder en formuleert hij aanbevelingen over alle maatregelen die moeten worden genomen om een nucleair ongeval te voorkomen of ermee om te gaan.

Het advies vertrekt vanuit drie essentiële punten. Ten eerste dat een nucleaire ramp, hoe onwaarschijnlijk ook, zich toch ook in België daadwerkelijk kan voordoen. Ten tweede dat de draagwijdte van een ramp veel verder reikt dan voorheen gedacht. De gevolgen blijven niet beperkt tot de onmiddellijke omgeving (een tiental kilometers) van de plaats van de ramp. Ten derde: de gevolgen van zo’n ramp kunnen vele jaren voelbaar blijven.

Op basis van deze uitgangspunten komt de HGR tot een aantal concrete aanbevelingen. Preventief is het van het grootste belang om grondige kwetsbaarheidsanalyses uit te voeren en lessen te leren uit het verleden. Een kwetsbaarheidsanalyse dient om te bepalen welke elementen een verergerende rol kunnen spelen bij een ongeval. Bijvoorbeeld: de aanwezigheid van andere industriële activiteiten, de transportinfrastructuur of de impact op kwetsbare bevolkingsgroepen (ziekenhuizen, rusthuizen). De HGR raadt tevens aan de planningszones uit te breiden tot minimaal 20 km voor evacuatie en 100 kilometer voor de snelle verdeling van niet-radioactief jodium.